www.roptrotherapy.info
Home Roptrotherapy Rugpijn Low back pain Lombalgie Rückenschmerzen Publicaties Backache Index (Bai) Contact  

Extra navigatie:

this information is provided by:

Andre farasyn Ph.D. PT, DO
Ass. Fac. Phys. Educ. & Rehabil.,
Vrije Universiteit Brussel (VUB),
België

Privé adres:
Krijgslaan 195, 9000 Gent

Tel: 09/221.13.87
Gsm: 0475/23.07.06

eenvoudige uitleg professionele uitleg

Rugpijn - eenvoudig

De klassieke uitleg die gegeven wordt bij LRP, is dat de oorzaak in de eerste plaats dient gezocht te worden bij het verschuiven (protrusie) en/of breken (hernia) van een tussenwervelschijf (discus) ter hoogte van een van de onderste rugwervels. De uitpuiling van dit discusmateriaal veroorzaakt een plaatselijke gewrichtsontsteking. De irritatie van de omliggende zenuwen maakt de patient bewust van een lage rugpijn.Als reflex op deze zenuwirritatie spannen de spieren zich op (hypertonie) in de onderrug, verkorten na enige tijd en voelt de LRP patient zich verstijven.

Er zijn volgens het klassiek concept een reeks factoren die het opkomen van LRP verklaren:

Mechanische overbelasting => discusuitpuiling verergert =>gewrichtsonsteking => irritatie nabijgelegen zenuwtjes => gespannen rugspieren => stijfheid & pijn in de lage rug.

De meeste therapien richten zich hoofdzakelijk op het opheffen van deze discale uitpuiling d.m.v.:

In sommige gevallen van LRP, gaat men zelfs over tot het operatief verwijderen van het d.m.v. medische beeldvorming (arthroscopisch) aangetoond discus hernia-materiaal (discectomie). Ons uitgangspunt verschilt grotendeels met het klassiek beeld van LRP. Volgens onze interpretatie ligt de oorzaak van LRP in het ontstaan van Deze bijzondere eigenschappen (fysio-pathologische processen) komen op bij :
  1. spieroverbelasting
    (vb na langdurig licht vooroverstaan in rechtopstaande houding ), => ontstaan van bindweefselverklevingen na spierschade fig1
  2. plotse stresssituaties
    (ontdekking van bedrog bvb.) => door bloedstuwing ten gevolge van een verhoogde spierspanning wijzigt het waterhuishouden zich binnenin de spier (Fig.2)
    fig2
  3. na het doormaken van een angina
    (bacterieel en/of viraal), => een inflammatie (oedeem) is aanwezig in het rugspiercompartiment (Fig.3).
    fig3
Er zijn dus volgens het nieuwe concept hoofdzakelijk drie mechanismen mogelijk die ofwel afzonderlijk ofwel toevallig samen het LRP syndroom kunnen veroorzaken:

In geval van spierkater is de fibreuze zwelling in het rugspiercompartiment maximaal ongeveer op de derde dag om dan af te nemen na tien dagen (maximum twee weken). In geval van een plotse stresssituatie kan door bloedstuwing de zwelling binnen de enkele uren zich installeren in het rugspiercompartiment. In geval van angina duurt de bacteriele en/of virale verschuiving van het ontstekings-mechanisme (incubatie) via de lymfebanen naar de rugspieren ongeveer een week tot tien dagen. De zwelling kan echter explosief opkomen in het rugspiercompartiment (binnen de enkele minuten). De plotse pijnscheut in de lage rug is het resultaat van de niet opgewarmde rugspier wanneer men `s morgens bvb. iets opraapt van de grond.

Langdurige of chronische lage rugpijn (CLRP)

Langdurige of chronische lage rugpijn hoeft niet noodzakelijk echt dagelijks gevoeld te worden. Ook hoeft de rugpijn niet de ganse dag aanwezig te zijn. Men spreekt gewoonlijk van CLRP indien na minimum 7 weken een LRP regelmatig aanwezig is. De rugpijn manifesteert zich met mate bij:

De patiënt komt dan pas bij de arts of therapeut wanneer de rugklachten dagelijks en ondragelijk geworden zijn door toevoeging van een van de hierboven opgesomde situaties.

De aanwezigheid van een uitpuilende discus (bevestiging d.m.v. medische beeldvorming) doet daarbij niets ter zake. Het maakt dus helemaal niet uit wat men ziet op een RX-foto of scan. We weten immers van verscheidene onderzoekers dat, van een groep proefpersonen zonder LRP, er 50 % discus bulging vertonen, waarvan 25 % zelfs met discus hernia... Het is uiteraard evident dat een erge mate van discus hernia in combinatie van plaatselijke inflammatie voor duidelijke neurologische tekens (pijn in een welomschreven gebied en/of tintelingen in onderbeen, uitval peesreflex) en klinische tekens (moeilijk het gestrekte been omhoog kunnen heffen, abnormale spierzwakte in onderste lidmaat) verantwoordelijk is. Deze tekens worden bevestigd door wat men via medische beeldvorming (RX-fotografie, CT-scan) waarneemt: dit is zonder twijfel het beeld van ischialgie, door alle boeken van orthopedie meer dan voldoende beschreven...

Psychologie van de wetenschappers

Aangezien men bij het klassieke beeld van CLRP inderdaad weinig of geen mechanische oorzaken kan vinden, wentelt men de verantwoordelijkheid van dit fenomeen af op de gemoedstoestand (psyche) van de patient. Men zoekt steevast naar psycho-sociale oorzaken. Het chronische ruglijden zou het pijngedrag van de patient zodanig beinvloeden dat meer aandacht en/of medelijden van de omgeving bedongen wordt.

CLRP mag echter niet gecatalogeerd worden als een aangeleerd (geconditioneerd) pijngedrag. De tot CLRP toe geneigde persoonlijkheid bestaat evenmin. Verder is niet iedereen gediend met CLRP. Deze patiënten bestempelen als personen met een gewijzigd pijngedrag is van-zelfsprekend, maar beweren dat velen onder hen de zaak uitbuiten, is geen correct standpunt!

Therapie

De therapie bestaat in het eenvoudig maar voor de therapeut zware werk van diep dwarse fricties met de ellebogen op de rugspieren uit te voeren. Zelfs een jarenlange CLRP kan in de meerderheid der gevallen binnen de zes weken verdwijnen (1 X/ week / X 5 diepe dwarse frictie-behandelingen).

Besluit

Volgens onze interpretatie is er een duidelijk onderscheid tussen de oorzaak van LRP en ischialgie.

LAGE RUGPIJN:

ISCHIALGIE:

Een ischialgie kan volgens onze opvatting niet ontstaan uit eerdere LRP, m.a.w. als gevolg van een nog verdere verschuiving van discusmateriaal. De ischialgie is hier dus een afzonderlijk syndroom met heel typische tekens van erge mate van discus hernia en plaatselijke ontstekingsverschijnselen.

CLRP:

De oorzaak van chronische LRP dient volgens het nieuwe concept gezocht te worden in de permanente aanwezigheid van littekenweefsels in de rugspieren (spiergranulomen) en het daarbij gepaard gaand inknellen (entrapment) van naar de huidoppervlakte lopende gevoelszenuwen (Rr. dorsalis & Nn Clunii). Chronische LRP is niet in de eerste plaats afhankelijk van psychologische factoren. We weten wel dat verscheidene onderzoekers tot de bevinding komen dat stress een invloed kan hebben op de vorming van bindweefselverklevingen in de rugspieren.

CLRP kan opgelost worden door meerdere behandelingsessies van diepe dwarse fricties.

Tip Topper

De absolute topper om LRP te krijgen is, na een week verkouden te zijn, toch in de tuin bladeren gaan rakelen op zondag, en dinsdagmorgen een belastingsbrief uit de te lage brievenbus boven te halen....